MUZIEK @ GAMES |
Donderdag 19 Juni 2008 |
Onder de naam Pop@Games vond onlangs een bijeenkomst plaats in Utrecht, tijdens het NLGD Festival of Games. Met name het gedeelte over muziekrechten en games was interessant. Antal de Waij van Buma/Stemra liet weten waar zij op dit moment mee bezig zijn als het gaat om het licenseren van muziekrechten die worden gebruikt in games en op het internet. Buma/Stemra vertrouwt vooral op techniek voor haar 15 nieuwe licentiemodellen. VoicstEen compositie van de band Voicst werd opgenomen in de game van het Fifa wereldkampioenschap voetbal 2006. De band zZz heeft in opdracht muziek gemaakt voor een Atari-game en ook muziek van Within Temptation heeft de weg gevonden naar een reality game. Junkie XL maakt muziek voor games en grote internationale reclamecampagnes, evenals Babylon Zoo of Stiltskin. Belangrijke successen, maar tot heden blijkt aan deze werkzaamheden niet heel veel geld te worden verdiend door de Nederlandse muziekauteurs. De auteursrechten worden namelijk vrijwel altijd voor een bescheiden bedrag afgekocht. Gaat dat in de nabije toekomst veranderen? Verschillende soorten websites met muziekBuma/Stemra geeft aan dat strikt juridisch gesproken eigenlijk wel duidelijk is wat wel en niet mag. Het is eerder de praktijk die weerbarstig is. Opdrachtgever en opdrachtnemer houden zich onvoldoende aan de regels. Het is contractueel bezien immers uitsluitend Buma/Stemra die over de muziekrechten gaat. Maar de makers van muziek voor games melden hun werken niet aan bij Buma/Stemra, waardoor Buma/Stemra haar rechten niet kan handhaven. Muziek wordt op het internet in verschillende soorten websites gebruikt. Buma/Stemra maakt daarbij een onderscheid tussen websites met User Generated Content (UGC – bijv. You Tube), sociale netwerken (My Space) en zogenaamde Mash Ups (bijv. hype-list.com). Dat zijn websites die gebruik maken van de informatie van andere websites via (met name) embedded players. Daarnaast kan muziek uiteraard worden gedownload en wordt er muziek gemaakt voor de diverse consolegames. Een website als VGMusic.com heeft inmiddels 24.000 midifiles beschikbaar met muziek die gebruikt is in games. De muziek is gratis, zoals meer algemeen gesproken, de content voor gebruikers van websites doorgaans gratis toegankelijk is. Tóch wordt er wel verdiend aan de diverse soorten websites, bijv. via abonnementendiensten en advertenties. Maar de maker van de muziek voor een game krijgt doorgaans een fooi. Hoe zit dat? Muziek in opdrachtIn de praktijk blijkt ca. 75-80% van de muziek in games speciaal, dat wil zeggen in opdracht te worden gemaakt. Slechts een klein deel van de markt bestaat uit bestaande composities waarvoor aan de rechthebbende een licentie wordt gevraagd. Wordt muziek in opdracht gemaakt, dan komt er een relatief klein bedrag beschikbaar voor zowel het opnemen als het componeren van de muziek. De rechten worden volledig afgekocht, waardoor een maker vrijwel nooit mee verdient aan het succes van een bepaalde titel. Hoe het tij te keren? Techniek staat centraalBuma/Stemra gaf in dit verband aan zich de laatste tijd vooral te hebben gericht op de ontwikkeling van technieken, waardoor het beter mogelijk wordt in de nabije toekomst met behulp van een zelf ontwikkelde search engine het internet af te schuimen. Op zoek naar websites en andere gebruikers die niét betalen. De techniek speelt bovendien een grote rol bij het ontwikkelen van (tot heden) 15 nieuwe licentiemodellen. Streaming en ‘on demand’, webcasting en permanente downloads worden daarbij van elkaar onderscheiden. Ook zijn de diverse verdienmodellen door Buma/Stemra op een rijtje gezet, zoals: - 3rd party funding;- pay per track;- pay per user;- pay per time; en - gratis. Worden deze twee modellen op elkaar losgelaten, dan ontstaan er als vanzelf 15 verschillende licentiemodellen. Het systeem is nog in ontwikkeling, waardoor nog niets kan worden gezegd over de hoogte van de tarieven. Wél is duidelijk dat Buma/Stemra niet of nauwelijks naar de ontwikkelingen en/of tarieven bij de buitenlandse zusterorganisaties heeft gekeken. Men wil de kennis juist zélf in huis hebben. Een toekomstige licentie van Buma/Stemra is overigens vooralsnog beperkt tot het gebruik van de muziek in Nederland. Mogelijk dat een Europese licentie in de toekomst zal volgen, maar daarvoor moet eerst in Brussel nog het nodige worden geregeld. Technologie onafhankelijke regelgevingOpvallend is de keuze van Buma/Stema voor met name de techniek, in plaats van (zoals bijv. in Engeland) het product als maatstaf voor het bepalen van de juiste licentie wél. Opvallend, omdat de Europese Unie nu juist in de afgelopen jaren veelvuldig heeft getracht om een technologie-onafhankelijk reguleringskader te scheppen, dat vat kan krijgen op zowel problemen van convergentie als het internet. De EU heeft daartoe 6 richtlijnen opgesteld, te weten de kaderrichtlijn, de toegangsrichtlijn, de machtigingsrichtlijn, de universele dienstenrichtlijn, de privacyrichtlijn en de richtlijn mededinging elektronische communicatiesector. Al deze richtlijnen zijn verwerkt in Nederlandse wetgeving, waarin het principe van technologie-onafhankelijke regelgeving dus eveneens is verwerkt. In Nederland vinden we dat wat offline geldt, ook online moet gelden. Het lijkt mij dan ook in meerdere opzichten nogal gevaarlijk om juist technologie als uitgangspunt te nemen voor het bepalen van een type licentie. Technologieën komen en gaan en zelfs sneller dan we ons een paar jaar geleden hadden kunnen voorstellen. Een op technologie gebaseerd licentiesysteem loopt dan ook m.i. een grote kans al verouderd te zijn nog voordat het systeem is gelanceerd. Muziek in gamesEr zijn ook enkele andere belangrijke kwesties die spelen als het gaat om muziek in games. Met name de huidige praktijk van het voor een lump sum afkopen van de rechten in een opdrachtbevestiging is schadelijk voor de waarde van de muziek. Componisten delen immers niet mee in het succes van een game. Voor een deel is dat de eigen schuld van de componist. De componist meldt de muziek doorgaans niét aan bij Buma/Stemra, terwijl hij daar contractueel wel degelijk toe verplicht is. Maar meldt de componist de muziek wél aan, dan kan hij toekomstige opdrachten verder wel vergeten. Bovendien staan er meer dan genoeg andere componisten te trappelen om een opdracht gratis te doen. Men ziet het gebruik van de muziek in een game gewoon simpelweg als promotie. Buma/Stemra is deze praktijk een doorn in het oog. Toch doet ze er zélf op dit moment niets aan. Buma/Stemra wil natuurlijk niet graag tegen haar eigen aangeslotenen procederen. Nieuw businessmodelTjeerd Bomhof van de band Voicst gaf aan dat ook in hun geval een lumpsum is betaald voor een in de Fifa-game opgenomen liedje. Hij noemde een bedrag van $ 4.500,- voor de masterrechten en $ 2.500,- voor de afkoop van de auteursrechten. Dat is niet heel weinig, maar ook niet heel veel getuige de miljoenen verkochte aantallen van de game. Peter Schoonhoven (Talpa Music) merkte dan ook terecht op dat met behulp van Buma/Stemra een cultuuromslag moet worden afgedwongen bij de game industrie. Daarnaast kan gedacht worden aan het in samenwerking met de industrie ontwikkelen van een nieuw businessmodel, vergelijkbaar met de afspraken in de reclamewereld, waarin wordt afgesproken dat bijv. steeds 3 – 5% van het budget wordt gereserveerd voor de rechten op de muziek. Dat is in ieder geval een praktische oplossing. |