De openbaarheid van Bumatarieven

Donderdag 28 Januari 2010

In een bestuursrechtelijke procedure die is gevoerd tussen een burger en de gemeente Albrandswaard is op 7 januari 2010 uitspraak gedaan. De burger wilde van de gemeente met name Bumatarieven verkrijgen. Het ging dan met name om kopieën van allerlei overeenkomsten, correspondentie, facturen en notities die zagen op de tussen de Centrale Antenne Inrichting (CAI) Albrandswaard en Buma overeengekomen kabeltarieven. De gemeente weigerde echter de stukken aan haar burger toe te sturen.

 

Primaire besluit

Burgers kunnen van hun gemeente afschriften van bepaalde stukken verlangen met een beroep op de Wet Openbaarheid van Bestuur (WOB). Maar deze wet is niet op alle stukken van toepassing. U vindt de huidige tekst van de WOB, inclusief de uitzonderingen hier.

 

De gemeente voerde allerlei argumenten aan tegen de verstrekking van de gegevens:

 

1.                  De CAI is geen ‘bestuurlijke aangelegenheid’ in de zin van de WOB;

2.                  Het gaat om vertrouwelijke bedrijfsgegevens;

3.                  Het financiële en economische belang van de gemeente weegt zwaarder dan het belang van eiser;

4.                  De gemeente vreest voor schadeclaims van derden;

5.                  De concurrentiegevoelige informatie kan ook derden onevenredig benadelen.

In het primaire besluit werd het verzoek van de burger door de gemeente dan ook afgewezen.

 Wet Openbaarheid Bestuur

De burger liet het er niet bij zitten en klom in de pen. Allereerst werd bezwaar gemaakt. Er kwam een advies van een bezwaarcommissie, waarna de gemeente het bezwaar gedeeltelijk gegrond verklaarde. De WOB eist namelijk een motivering voor of tegen verstrekking van documenten per gevraagd document, en aan deze eis had de gemeente niet voldaan. 

Kennelijk zat de ‘pijn’ bij de gemeente vooral in het kenbaar maken van de tarieven en dat probleem kon eenvoudig worden opgelost door de stukken wél te verstrekken aan de burger, maar de gehanteerde tarieven daarin onleesbaar te maken. De tariefinformatie betreft naast de gemeente ook belangen van derden en het bekend maken van deze tarieven kan de concurrentiepositie van kabelmaatschappijen nadelig treffen, aldus de gemeente in haar oordeel op het bezwaar.

 Beroep

De burger liet het er opnieuw niet bij zitten en stapte naar de rechter. Waarom de burger perse de hoogte van de tarieven wilde weten blijkt overigens niet uit de uitspraak.

 

In de rechtbankfase ging er vervolgens bij de gemeente iets mis. De gemeente had namelijk alle door de burger gevraagde documenten naar de rechtbank toegezonden in het kader van het beroep, maar de tarieven had de gemeente niet onleesbaar gemaakt en de gemeente had ook verzuimd de rechtbank formeel om ‘beperkte kennisname’ van die stukken te vragen. In het geval van ‘gevoelig’ geachte informatie kan – indien zo’n verzoek wél wordt gedaan – de rechter de volledige stukken bekijken, maar de burger niet. Maar de gemeente had niet om beperkte kennisname verzocht waardoor de rechtbank de stukken vervolgens zonder enige beperking had doorgezonden aan de burger, inclusief een brief over de aanpassing van de Bumatarieven per 1 juli 2008. De burger kon met behulp van deze brief en de andere stukken de tarieven gemakkelijk zelf achterhalen.

 

De rechtbank oordeelde de burger ten aanzien van de door hem reeds verkregen stukken niet-ontvankelijk in het beroep. Het beroep tegen de weigering van de gemeente om de burger een kopie van een brief uit 2007 met tariefwijzigingen alsmede enkele facturen te doen toekomen werd door de rechtbank echter gegrond geoordeeld. 

 Beoordeling

In de WOB is ‘openbaarheid’ de regel. Toch wilde de gemeente de Buma-informatie niet verstrekken. De gemeente leek daarbij vooral bang te zijn voor schadeclaims van derden. De rechter moet in gevallen als de onderhavige beoordelen of het openbaarheidbelang van de gemeente meer of minder zwaar weegt dan de andere in de WOB genoemde belangen en sloot aan bij het evenredigheidsbeginsel dat is opgenomen in de Algemene Wet Bestuursrecht. Dit beginsel houdt in dat de voor een belanghebbende nadelige gevolgen van een besluit niet onevenredig mogen zijn in verhouding tot het met dat besluit te dienen doel. Het afweren van mogelijke schadeclaims van derden werd door de rechtbank onvoldoende zwaarwegend geoordeeld.

 

De rechtbank besloot ook alle nog niet aan de burger verstrekte stukken openbaar te maken, zonder doorhalingen. De rechtbank liet zich daarbij van een praktische kant zien en gaf aan dat de burger met de reeds eerder verstrekte stukken in de hand, feitelijk ook zelf al de doorgehaalde tarieven in de latere stukken kon berekenen. De gemeente werd aldus ‘gestraft’ voor de door haar gemaakte procedurefout.

 Monopolist

Bumatarieven spelen doorgaans een rol tussen civiele partijen, waardoor de WOB daarop niet van toepassing is. Maar uit dit voorbeeld blijkt dat het in die gevallen waarbij een bestuursorgaan is betrokken bij de onderhandelingen en betalingen aan Buma, niet is uitgesloten dat de teksten en tarieven toch bekend worden. Vraag is of van Buma als collectieve rechtenorganisatie en monopolist niet in álle gevallen moet kunnen worden verlangd dat haar voorwaarden en tarieven voor een ieder kenbaar en transparant zijn. De gemeente gaf in deze zaak aan dat tariefinformatie nadelige gevolgen had voor de concurrentiepositie van kabelmaatschappijen, doordat uit de tarieven blijkt ‘welke kosten de gemeente en andere kabelmaatschappijen hebben’. Dit argument is echter onzinnig. Uit de tarieven als zodanig kán helemaal niet iets blijken over de kosten van derden. Auteursrechtelijke tarieven komen in samenspraak tussen de partijen tot stand. Buma kan als vertegenwoordiger van de rechthebbenden in beginsel vragen wat zij wil, maar dient vanwege haar monopoliepositie ook rekening te houden met de gerechtvaardigde belangen van de betalingslichtige gebruikers van muziek, zoals kabelaars. Tariefgeschillen zullen in de toekomst door een Geschillencommissie kunnen worden opgelost. Mogelijk dat deze commissie dan ook naar de transparantie van tarieven kan gaan kijken?

    

< terug mkoedooder@devos.nl print deze pagina
De Vos & Partners Advocaten
P.C. Hooftstraat 5-11
1071 BL Amsterdam
Nederland

T:+31 (0)20 2060700
F:+31 (0)20 2060750
info@devos.nl

Margriet Koedooder

Advocaat

T: 020-2060755
M: 0653812777
mkoedooder@devos.nl